Steeds maar tegenwerking - Pesten op de Werkvloer
pesten,gepest,werkvloer,werk,pesten op de werkvloer,pesten op het werk
19286
post-template-default,single,single-post,postid-19286,single-format-standard,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-theme-ver-7.0,wpb-js-composer js-comp-ver-5.4.5,vc_responsive

Steeds maar tegenwerking

19 apr Steeds maar tegenwerking

In het schooljaar daarop heb ik in plaats van de gebruikelijke  drie uren Duits VWO 5 maar één uur Duits VWO 5 gehad. Tijdens de re-integratie nota bene! Ze gaven mij weer niet helemaal wat ik nodig had. Nipt genoeg om mijn onderzoek te doen, maar bijzonder onhandig. Ik heb dit maar geaccepteerd om dan tenminste mijn onderzoek te kunnen afronden en heb het met behulp van de goede support van de leerlingen voor elkaar gekregen. De rest van de uren VWO 5 gingen naar de collega sectievoorzitter Duits P., die daar geen bevoegdheid voor heeft. De bovenbouw HAVO 4 en HAVO 5 werden ook bij hem geplaatst. Ik kreeg daar weer niets van.
Het vrat energie. Het veroorzaakt imagoschade, omdat in andere secties er niet zo moeilijk werd gedaan. Het steeds mij proberen een smet te geven, is erg storend. Ik kreeg weer het leeuwendeel onderbouw. VWO 6 werd bij collega Nederlands met een oude bovenbouw bevoegdheid Duits geplaatst, die VWO 6 zou doen, totdat ik klaar zou zijn met de opleiding. Mijn verzoek om ook eens VWO 6 te doen, vanwege examentraining werd niet gehonoreerd. Er werd mij een volgende stap in de ontwikkeling met volwaardige oefening ontzegd. Deze collega zat inmiddels ook vaak bij P. op visite en zag mij ook niet meer staan. Daarnaast werd door de krimp van de school duidelijk, dat hij ook wel wat extra uren bij Duits kon gebruiken.

Ik had tijdens mijn re-integratie veel spanning te verduren, omdat het niet veilig was. Ik durfde hier en daar tegen collega’s het pesten te benoemen. Er werd geluisterd en bevestigd dat er dingen herkenbaar waren, maar vervolgens werd ik toch steeds verder buitengesloten. Dat voel je heel goed!
Ik kreeg op een gegeven moment tijdens een les een vervelende opmerking van een leerling naar mijn hoofd, waarop het voor mij echt genoeg was. Ik ben weggegaan en heb mij even een dag ziek gemeld om bij te komen. Ik kon er niet meer tegen. Hierop kreeg ik de mededeling, dat de afdelingsdirecteur wilde, dat ik pas na de kerst weer zou gaan werken.

Het was kerstvakantie. De bedrijfsarts vond dat ik na de kerstvakantie weer kon werken. Ik vond dat ook prima. Ook ging er een collega met ontslag, waardoor er voor mij kansen lagen om de prettigere klassen te kunnen draaien tijdens mijn afronding van de studie. In de tweede week van de kerstvakantie zag ik plotseling in mijn rooster, dat vrijwel al mijn lessen en klassen waren ingeroosterd bij collega`s. Zowel onder als bovenbouw. Een aardrijkskundedocent, die ook een bevoegdheid Duits had, maar daar nooit les in gaf, had mijn onderbouw 3 samen met een nieuwe docente Nederlands in opleiding (die ook altijd op de thee zat bij P.). De bedrijfsarts belde mij met de mededeling dat hij al langer wist dat mijn werkgever mij niet meer terug wilde hebben. Hij vond dat er een gesprek moest komen met de directie en mij en dat hij het weigerde om iemand, die kan werken, ziek te melden en dat er een probleem lag tussen afdelingsdirecteur S. en mij.

In een gesprek met de directeur en de bedrijfsarts en de afdelingsdirecteur S. werd besloten dat ik met de afdelingsdirecteur alleen moest praten. In een gesprek met S. alleen geeft hij mij plotseling een hand om het goed te maken. Ik accepteer die hand. Hierna krijg ik een urenverdeling te zien, die weer mijn vertrouwde klassen zijn en de prettige klassen van de vertrekkende collega. Maar… ook zegt hij dat ik een coach moet accepteren. Op dat moment vraag ik waarom. Hij zegt dat dit nodig is. Ik vraag waarom. Hij zegt dat hij dit niet kan zeggen, maar er zijn klachten. Ik zeg dat ik die klachten dan graag nog wil horen en zwart op wit krijg. Hij zegt dat hij een coach gaat zoeken. Ik krijg de klachten niet zwart op wit. Er komt ook geen coach. De eerste dag na de kerstvakantie zijn de collega’s verbaasd dat ik op school ben. Ze zeggen dat er verteld was door afdelingsdirecteur S. dat ik niet meer terug zou komen. De collega’s, die mijn uren zouden inpikken, wisten niet waar ze moeten kijken. Niemand komt naar mij toe om mij te steunen of sorry te zeggen.
Ik werk het schooljaar op zich prettig met de leerlingen uit, maar de achterdocht blijft. Er worden regelmatig conflicten uitgelokt. Zo doe ik de open avond voor de basisschoolleerlingen grotendeels alleen, maar collega’s Duits beweren dat ik er op stond om het alleen te doen en ik niet met ze wil samenwerken.

In de innovatiegroep werk ik goed mee, maar ook daar merk ik dat er is voorgesorteerd en ik er niet meer bij hoor. Collega’s, die eerst aan mijn kant stonden, beweren nu niet te weten dat ik word gepest. Er krijgen “lievelingen” van de directie taken zonder sollicitatieprocedure. Ik zit niet op die taken te wachten, maar door een fusie zijn er wel andere kansen en werkgroepen waar ik aan deel wil nemen. Ik heb mij voor een werkgroep aangemeld en kreeg geen reactie terug. Bij  de tweede keer navraag moest ik nog wachten, werd er gezegd, want ze waren er mee bezig. Na een tijdje verneem ik dat de procedure al afgerond was en ze al mensen hebben. Ik ben niet verwittigd. Ik ben gewoon buitengesloten.

Pas tegen het einde van het schooljaar wil de afdelingsdirecteur toch de coach bij mij in de les hebben. Zonder vooroverleg krijg ik een mail met wie er komt en wanneer. Er is geen moment voor vooroverleg gepland. Ik bel de vakbond, die mij op het hart drukt hier niet in mee te gaan, omdat het buiten een beoordelingscyclus valt en dat zo niet hoort. Ik mail naar de directie dat het anders moet en op een ander tijdstip. Daarnaast ken ik de coach, die zij in hadden geschakeld. Dat is namelijk geen coach, maar iemand die berucht is om in opdracht van management mensen slechte beoordelingen te geven om buiten te kunnen werken. Een week later hebben ze een andere coach voor mij gevonden. Ik bel deze coach en zij is het helemaal met mij eens dat coaching alleen maar zin heeft als ik er zelf om vraag, het in een cyclus is en dat het in samenspraak met elkaar moet. Zij neemt de opdracht dus niet aan.
Ik hobbel het schooljaar uit. Ik heb nog veel stress. Mijn onderzoek is af, maar mijn allerlaatste loodje van mijn studie is niet af. Er is consequent geprobeerd te voorkomen dat ik de studie normaal kon afronden.

Heft in eigen hand

Ik maak samen met een vertrekkende collega nog een poster voor in een jaarboek voor leerlingen en collega’s.  De sectievoorzitter P. doet niet anders dan schelden over hoe belachelijk die poster is. Deze posters worden bij de laatste schooldag door de vertrekkende collega aangeboden aan de secties. De sectievoorzitter en nog een vertrekkende collega Duits vragen mij niet mee op het podium, maar nemen zelf glunderend de poster in ontvangst.

Bij het verdelen van de lesuren 2018-2019 word ik niet betrokken. Er is achter mijn rug om beslist. Ook werd ik verplicht om de coach te nemen. Ik maak er een punt van dat ik te weinig bovenbouw heb. Bij de sectie economie en Frans is er wel in overleg met alle lesgevende collega’s beslist. Bij Duits weer niet. Ik ben klaar met de willekeur en met het feit dat collega P. de eerstegraads opleiding nog steeds niet doet, maar wel al jaren bovenbouw les geeft. Ik ben klaar met het gepest worden. Ik dien mijn ontslag in augustus 2018, omdat dat de enige garantie is dat het pesten voor mij stopt. Er wordt gezegd dat ik dan niet terug mag komen.

Ik heb mijn ontslag ingediend om te overleven. Na vier jaar getreiter was ik kapot. Nog langer daar blijven had ik niet overleefd. Ik schaam mij er niet meer voor, maar ik heb serieus overwogen niet meer te willen leven. De prijs die ik betaal, is hoog. Ik heb mijn huis moeten verkopen en elders werk moeten zoeken. Ik ben er financieel flink op achteruit gegaan. Ik vertrouw nog maar moeilijk mensen. Juist door te zien hoe het er in mijn huidige werkplekken aan toe gaat, zie ik juist extra hoe vreselijk onveilig de werkplek in O. is geweest en hoe groot het kwaad is, dat men daar aanricht.

Ik kom er zelf wel overheen, maar ik heb wel vrees voor enkele collega’s, die momenteel via pesten en ziektewet worden buiten gewerkt. Ik hoor immers nog steeds verhalen, dat de intimidaties onverminderd doorgaan, ondanks het vertrek van de directeur. De afdelingsdirecteur S. en de pest-collega zitten er nog en gaan gewoon door met hun misselijke strategieën. De werksfeer is slecht. Dat hoor ik van collega’s. Laatst vroeg een collega aan afdelingsdirecteur S. hoe het met iemand gaat, die in de ziektewet zit. Het antwoord was: “Daar wordt aan gewerkt.” De intimidatie gaat gewoon door.

Er is een nieuwe directeur en die heeft ook al kwade dingen gedaan. Het zou mij echt niet verbazen als dit mensenlevens kost. Het structureel buitengesloten worden. De minachting, die je dagdagelijks voelt, het onrecht wat mij is aangedaan door mij in mijn studie te dwarsbomen, doet zeer. Het onrecht van samenspannen tussen een niet voor de functie bevoegde docent, die ook niet van plan is om een opleiding te doen, en de afdelingsdirecteur kan ik niet verteren. Er is opzet in het spel. Dat is zeker ook uit andere bronnen gebleken, die ik niet mag noemen vanwege beroepsgeheim. Maar reken maar dat het bedrijfsartsen zijn, die uit de school klappen en weten dat de school, waar ik het over heb, een zieke onveilige cultuur kent waarin mensen elkaar schaden.

Deze school heeft miljoenen aan overheidsgeld gekregen om problemen op te lossen. Onder het mom van dat het een krimpregio betreft, wordt er verzwegen dat er op die school geen kwaliteit meer geleverd wordt en mensen werken, die anderen letsel toebrengen. Er is daar gebrek aan kwaliteit. Dat heeft helemaal niets met krimp te maken. Mensen die dat zien, zijn allemaal met ontslag of zitten in de ziektewet. Ik ben door de inspectie uitgehoord. Toen bleek dat er miljoenen overheidsgeld al toegezegd was en de inspectrice, die mij eerst uithoorde, zei over leerlingen te gaan, was mijn verhaal ineens niet meer interessant. Ik heb niets gehad aan interne en externe meldingen. Niet bij de Raad van Bestuur, niet bij de vertrouwenspersoon. Zelfs de wethouder hier in de gemeente ontkent en zegt alleen maar over het gebouw te gaan en niets over de inhoud van het onderwijs te zeggen te hebben.

Ik onderga nu nog een EMDR behandeling, omdat ik elke dag aan het pesten moet denken en ik nachtmerries heb. Ik kan sinds kort pas weer geconcentreerd lezen.
Met het delen van mijn verhaal hoop ik dat anderen, die dit ook overkomt, hier steun aan zullen hebben. Je bent niet de enige!